Rozen en hun geneeskrachtige werking

150 150 Kruidjes.be


Ik raakte als kind al gefascineerd door die magische rode bottels die zo stevig op de steeltjes midden tussen ijskristallen en sneeuw staan. Ze hadden zo iets van ‘ons gaan ze niet klein krijgen, wij schrikken niet terug voor een beetje kou’. Ondertussen weet ik wel dat de meeste rozenbottels plat worden als de vriezeman is langsgekomen. En als die op zich laat wachten, weten de vogels wel raad met deze vruchtjes. Toch zijn er nog altijd ijsbeer-rozenbottels, die blijven er goed uitzien, zelfs als de sneeuw er met pakjes opligt. Ze groeien op beschutte plekken. Holle wegen bijvoorbeeld of een warme muur waartegen ze kunnen leunen. Je kunt er lang van genieten. Mocht je geen rozenbottels meer vinden, kun je altijd nog rozenbottels kopen.
De zakjes rozenbottelthee kent iedereen wel. Maar wist je dat je ook gedroogde, losse bottels, met of zonder pitjes, kunt kopen? Het is natuurlijk fijn, als je kunt oogsten in je eigen tuin en allerlei lekkere dingen kunt maken van je eigen rozenbottels.
Het gaat hier wel over wilde rozenbottels. Gecultiveerde rozen komen bij mij niet in aanmerking. Deze rozen zijn geschikt voor consumptie:

Hondsroos (Rosa canina)

De hondsroos (Rosa canina) heet niet toevallig zo. Als je vroeger een beet van een dolle hond kreeg, dan behandelde de dokter je met deze roos. Ze komt veel voor in holle wegen. Je kunt zowel de bloemblaadjes als de rozenbottels gebruiken om er jam of siroop van te maken.

Eglantier (Rosa rubiginosa)

Dit wild roosje lijkt erg op de hondsroos. Als je zijn groene blaadjes kneust, komt er een ‘groene’ appelgeur vrij. Je kan deze roosjes gebruiken om met de blaadjes jam en siroop te maken. OK dat is een hele job want je hebt veel bloemblaadjes nodig. Van de bottels maak je thee, rozenbotteljam, -chutney of -siroop en dat gaat iets vlotter. Weet wel dat geen rozenbottels krijgt als je alle roosjes afplukt.

Japanse rimpelroos (Rosa rugosa)

Deze rozen zie je vaak naast drukke straten staan. Daar kun je ze natuurlijk niet plukken, als je ze culinair wilt gebruiken. Je ziet ze in ’t wit en in het diep roze, tegen het donkerrood aan. Ze zijn decoratief, maar soms een beetje moeilijk om te snoeien met al die kleine stekels. Ze belonen je in de lente met bloemblaadjes en in het najaar met hun bottels.

‘Apothekersroos (Rosa gallica)

Onze voorouders probeerden allerlei kwalen te genezen met deze rozen. Keelpijn bijvoorbeeld behandelden ze met rozentinctuur.
Deze roos is een van de oudste rozen die we kennen. Ze is winterhard en krijgt veel uitlopers. Vooral in de streek van Provins (zuid oosten van Parijs) kwam ze veel voor. Daarom wordt ze ook wel eens de ‘Provinsroos’ genoemd. Verder kom je haar ook tegen onder de naam ‘Red rose of Lancaster’, omdat ze het embleem was van de koninklijke Lancaster-familie. Ze speelde tijdens de rozenoorlog een belangrijke rol. Oude rozensoorten hebben vaak verschillende namen en dat maakt het niet altijd gemakkelijk.

Muskusroos (Rosa moschata)

Je staat ervan te kijken wat onze voorouders allemaal met rozen deden. John Gerard bijvoorbeeld schrijft in zijn ‘Herbal, of General History of plants’ (1633):
“De blaadjes van de muskusroos, gegeten in de ochtend als salade, met olie, azijn en peper, of op een andere wijze passend bij de wens en de smaak van diegene die dit zal eten, zuiveren de buik van waterige en cholerische lichaamsvochten, zonder enig gevaar of pijn.”

Opgelet: 

Pluk je rozen alleen op veilige plekken. Niet langs een drukke baan, niet langs plantages waar de boeren nogal eens spuiten en ook niet naast een fabriek met kwalijke uitlaatgassen. Geef ze een plaats in je tuin, dan heb je de minste problemen. Maar denk eraan dat je je rozen niet mag besproeien tegen het ongedierte, als je ze culinair wilt gebruiken. Echte gecultiveerde rozen zijn een zoete verblijfplaats van niet-gewenste beestjes. Wilde rozen hebben er veel minder last van. Als er dan toch eens een luis op een bloemknop zit, kun je die het best, op de rozenknop, stuk duwen met je vingers. De geur van die arme stakkers schrikt de andere af. Ik heb zelfs eens iemand horen zeggen dat ze de luizen in water afspoelde, en daar de mixer in stak. Met dit goedje besproeide ze haar rozen. Succes gegarandeerd, beweerde ze.
Rozen houden van koffiedik. Drink een kopje koffie en trakteer de rozen op de dras. Ze zullen je dankbaar laten genieten van hun bloemen.

Rozenbottelthee

In rozenbottels zit veel vitamine C. Daarom drink ik zo graag van die heerlijke kopjes bottelthee. Ze helpen me sterk en stoer door de winter. Ik pluk de bottels, was ze en droog ze in bv. kartonnen deksels, niet te dik op elkaar. Als ze beendroog zijn, plet ik ze in een elektrische molen en bewaar ze op een donkere plek, in een bruine papieren zak.
Als je wilt, mag je eerst alle kernen eruit doen, maar dat hoeft niet. Neem nu een theelepel van de ‘kerntjes’, want veel meer is het niet, overgiet met een kop kokend water, doe er nog een schijfje sinaasappel, waarop je een kruidnagel prikt, bij en laat 15 minuten trekken.

 

%d bloggers liken dit: